Januari krijgt altijd alle aandacht, maar stiekem veroorzaakt 1 juli minstens zoveel verrassingen binnen HR en payroll. Nieuwe minimumlonen, aangepaste vergoedingen, strengere controles en wijzigingen in subsidies landen precies op het moment dat veel organisaties al half in vakantiestand staan. En juist daardoor worden wijzigingen sneller gemist.
Totdat medewerkers vragen gaan stellen over hun loonstrook. Of totdat ineens blijkt dat bepaalde instellingen in AFAS of Loket.nl nog gebaseerd zijn op oude bedragen. Minder handig midden in de zomerperiode.
Dus nee, 1 juli draait niet alleen om vakantieplanning en out of office-mails. Voor werkgevers en HR is het óók gewoon een belangrijk controlemoment.
Per 1 juli 2026 stijgt het wettelijk minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder naar €14,99 bruto per uur. Ook de minimumjeugdlonen en de bedragen voor BBL-leerlingen stijgen mee.
Dat lijkt op papier misschien een beperkte wijziging, maar in de praktijk werkt dit vaak breder door dan werkgevers vooraf verwachten. Niet alleen medewerkers op minimumloonniveau krijgen ermee te maken. Ook salarisschalen daar nét boven schuiven regelmatig mee om verschillen logisch te houden.
Daarnaast hebben de wijzigingen invloed op uurloonberekeningen, toeslagen, oproepcontracten en salariscomponenten die gekoppeld zijn aan minimumloonbedragen.
En ergens in Nederland vertrouwt er op dit moment gegarandeerd nog iemand nét iets te enthousiast op op een Excelbestand met oude bedragen.
Ook de onbelaste thuiswerkvergoeding gaat omhoog. In 2026 mogen werkgevers maximaal €2,45 per thuiswerkdag belastingvrij vergoeden. Daarnaast stijgt waarschijnlijk de gerichte vrijstelling voor reiskostenvergoeding naar maximaal €0,25 per kilometer*. Werkgevers zijn niet verplicht dit bedrag volledig te vergoeden, maar mogen het wel onbelast uitkeren.
Klein detail misschien, maar juist dit soort bedragen zorgen ieder jaar weer voor vragen in payroll. Want zodra medewerkers ergens online een nieuw bedrag zien langskomen, gaan ze er meestal vanuit dat het gisteren al op hun loonstrook had moeten staan.
Ook in 2026 blijft schijnzelfstandigheid een belangrijk thema. De Belastingdienst controleert inmiddels actiever op arbeidsrelaties, die feitelijk meer lijken op loondienst dan op zelfstandig ondernemerschap.
Werkgevers die veel werken met zzp’ers doen er verstandig aan kritisch te kijken naar langdurige inzet, aansturing en gezagsverhoudingen. Zeker omdat de Wet DBA en de voorgestelde Wet Vbar de komende jaren steeds meer impact krijgen op de praktijk.
Verzuimboetes worden in 2026 nog grotendeels uitgesteld, maar bij ernstige overtredingen kunnen wel degelijk vergrijpboetes worden opgelegd. Veel organisaties weten inmiddels dát er risico’s zijn, maar minder organisaties weten precies waar hun eigen risico zit.
Waar sommige regelingen verdwijnen, worden andere juist aangepast. Zo is het Lage-inkomensvoordeel (LIV) inmiddels afgeschaft en vervalt het Loonkostenvoordeel (LKV) voor oudere werknemers grotendeels voor nieuwe situaties vanaf 2026.
Tegelijkertijd blijft de SLIM-subsidie beschikbaar voor opleiding en ontwikkeling van personeel. Voor werkgevers die investeren in ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid blijft dit dus een interessante regeling.
Juist daarom loont het om subsidie- en payrollprocessen regelmatig opnieuw tegen het licht te houden. Want veel werkgevers laten ongemerkt geld liggen doordat regelingen veranderen terwijl processen hetzelfde blijven.
Waar duurzaamheid vroeger vooral een facilitair onderwerp was, raakt het inmiddels steeds vaker HR en payroll. Denk aan elektrische leaseauto’s, fietsregelingen en mobiliteitsbeleid.
Zo wordt de fiscale regeling rondom deelfietsen verduidelijkt en blijven elektrische auto’s voorlopig fiscaal aantrekkelijker dan brandstofauto’s. Daarnaast schuiven steeds meer werkgevers richting hybride mobiliteitsregelingen.
Dat klinkt strategisch, maar eindigt uiteindelijk gewoon weer bij HR en salarisadministratie. Want iemand moet het verwerken, uitleggen en juist inrichten in AFAS of Loket.nl.
Wat 1 juli extra bijzonder maakt, is de timing. Veel organisaties draaien in de zomerperiode met lagere bezetting. Collega’s zijn op vakantie, controles worden sneller doorgeschoven en processen leunen vaker op een kleinere groep medewerkers.
Precies daardoor ontstaan in juli soms kleine fouten die pas maanden later zichtbaar worden. Niet door ingewikkelde wetgeving, maar simpelweg omdat iedereen nét iets meer bezig is met vakantieaanvragen dan met controlelijsten. Dat is natuulijk begrijpelijk, maar echt minder prettig voor payroll.
De meeste onrust ontstaat uiteindelijk niet door de wijziging zelf, maar doordat medewerkers niet begrijpen waarom iets verandert. Een aangepast uurloon, een afwijkende loonstrook of gewijzigde inhouding roept sneller vragen op wanneer uitleg ontbreekt.
Juist daarom helpt duidelijke communicatie vooraf enorm. Niet alleen richting medewerkers, maar ook tussen HR, Finance en Payroll onderling. Dat scheelt uiteindelijk een hoop losse vragen, spoedcorrecties en collega’s die ‘heel even iets willen checken’, terwijl jij eigenlijk net je laptop wilde dichtklappen voor vakantie.
De wijzigingen per 1 juli 2026 lijken misschien kleiner dan die van januari, maar onderschat ze niet. Juist omdat ze midden in het jaar plaatsvinden, worden ze sneller gemist in processen, systemen en communicatie.
Een korte controle vooraf voorkomt vaak een hoop onrust achteraf. En dat is prettig, want de zomer is al hectisch genoeg zonder spontane loonstrookpaniek tussen de zonnebrand en vakantieaanvragen door.
En is er wel paniek? Talento is er altijd.
* de verhoogde reiskostenvergoeding naar 0.25 cent per kilometer moet nog goedgekeurd worden door de Tweede en Eerste Kamer. Zodra dit is gebeurd gaat deze wijziging met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026.